Externe data CSV voorbeelden

Gebruik je Verbinden met URL met een CSV bestand, dan wordt elke regel uit het bestand beschikbaar als een rij in een Smarty array. De kolomnamen uit de eerste regel van het CSV bestand gebruik je als veldnamen. Zo kun je CSV data direct gebruiken in templates en opvolgacties.

Scheidingsteken instellen

Bij het instellen van de URL geef je aan welk scheidingsteken het CSV bestand gebruikt. Je kunt kiezen uit:

  • puntkomma
  • komma
  • tab

Copernica gebruikt dit scheidingsteken om de kolommen correct te verwerken.

Voorbeeld CSV

Stel je CSV bestand ziet er zo uit:

Voornaam;Emailadres;Woonplaats;Datum ingeschreven
Jan;Jan@example.com;Amsterdam;2026-01-03
Piet;Piet@example.com;Rotterdam;2025-12-15

Je stelt als identifier personen in. De data is dan beschikbaar als {$personen}.

Rijen en indexen

De eerste rij na de kolomnamen heeft index 0. De tweede rij heeft index 1, enzovoort.

In dit voorbeeld is Jan dus regel 0 en Piet regel 1.

Velden uitlezen

Je kunt waarden op twee manieren benaderen.

Met puntnotatie:

{$personen[0].Voornaam}
{$personen[0].Emailadres}

Met vierkante haken:

{$personen[0]["Voornaam"]}
{$personen[0]["Emailadres"]}

Beide opties geven hetzelfde resultaat zolang de kolomnaam geen spaties bevat.

Kolomnamen met spaties

Bevat een kolomnaam een spatie, zoals Datum ingeschreven, dan werkt alleen de notatie met vierkante haken:

{$personen[0]["Datum ingeschreven"]}

Deze notatie werkt niet:

{$personen[0].Datum ingeschreven}

Dit komt doordat spaties niet zijn toegestaan in Smarty variabelen bij puntnotatie.

Meerdere rijen gebruiken

Wil je alle personen uit het CSV bestand tonen, gebruik dan een {foreach} loop:

{foreach $personen as $persoon}
  {$persoon.Voornaam}
  {$persoon.Emailadres}
  {$persoon["Datum ingeschreven"]}
{/foreach}